Indische koraalduivel vissen in de Middellandse Zee: de soldaat die voor een meneer Miles wordt gehouden
Elk artikel in deze serie beantwoordt dezelfde vraag: hoe is de visser de rover te slim af? Met welk aas, op welke diepte, op welk moment. Bij de Indische koraalduivel begint het antwoord met een naam die half Europa verkeerd leest. In Engelse namenlijsten heet hij “Miles’ firefish” — alsof een meneer Miles hem had ontdekt. Een meneer Miles bestaat niet. *miles* is Latijn en betekent soldaat. De pool van dit artikel is daarom: de soldaat die de namenlijsten aanzien voor een meneer Miles. Het gaat om de Indische koraalduivel, *Pterois miles*, die vanuit de Rode Zee het oostelijke deel van de Middellandse Zee is binnengetrokken.
Vleugels, een soldaat en een meneer die nooit heeft bestaan
De herkomst van wetenschappelijke namen is vastgelegd door het ETYFish Project, een etymologisch register van vissennamen. Het geslacht Pterois komt daar van *pterus*, “vin”, naar “Les Pterois” van de Franse zoöloog Cuvier (1816), en verwijst naar de hoge rugvin en de lange borstvinnen — de waaiers waaraan iedereen de vis herkent. De soortnaam miles betekent volgens ETYFish eenvoudigweg “soldier”, soldaat. ⚠️ Dan volgt de eerlijke zin: “allusion not explained” — Bennett, die de soort in 1828 beschreef, heeft niet gezegd wat hij ermee bedoelde. ETYFish oppert voorzichtig de rode lichaamskleur, die zou doen denken aan de uniformen van de soldaat-matrozen uit de 19e eeuw, en schrijft er uitdrukkelijk “perhaps” bij. Dit artikel neemt dat vermoeden over als vermoeden, niet als vaststelling.
De soldaat heeft sporen nagelaten in de namenlijsten. De lijst van GBIF voor *Pterois miles* (sleutel 2334433, 75 vermeldingen) bevat een soldatenkamp: Engels “Soldier Lionfish”, Frans “Poisson armée” — de legervis — en Tsjechisch “Perutýn žoldnéř”, de huursoldaat. Daarnaast het duivelskamp: Engels “Devil firefish”, Turks “Şeytan aslan balığı”, Portugees “Peixe-fogo Diabo”, Fins “paholaissiipisimppu”. Dan het leeuwenkamp: Engels “Lionfish”, Italiaans “Pesce leone”, Spaans “Pez león”, Grieks “Λιονταρόψαρο”, Arabisch “سمك الأسد الشائع”. En het vuurkamp: Duits “Rotfeuerfisch” (rode vuurvis) en “Indischer Rotfeuerfisch”, Hongaars “közönséges tűzhal”, Sloveens “rdečemorska plamenka” — de vlam uit de Rode Zee. De Nederlandse naam, “Indische koraalduivel”, staat in geen van deze vier kampen — al zit er wel een duivel in.
💣 En nu de meneer die nooit heeft bestaan. Dezelfde GBIF-lijst noemt “Miles’ firefish” maar liefst vier keer (Catalogue of Life, Global Register of Introduced and Invasive Species, ITIS, TAXREF), plus “Mile’s Fire Fish” uit de Rode Lijst van de IUCN — met apostrof, als bezitsvorm van een persoon. Volgens ETYFish is *miles* echter geen persoonsnaam, maar het Latijnse woord voor soldaat. Wie “Miles’ firefish” leest, leest dus een naam die op een misverstand rust — in precies de lijsten die de soldaat elders wel goed vertalen.
💣 Nog drie naamvallen, elk gecontroleerd aan de bronvelden van GBIF. Frans “Poisson Scorpion” en Italiaans “Pesce scorpione” staan in de lijsten van de koraalduivels — maar “schorpioenvis” is ook de gangbare naam van de schorpioenvissen (*Scorpaena*), die in deze serie een eigen artikel hebben. Ze zijn verwant, dezelfde familie, maar niet dezelfde vis. “Lionfish”, “Pez león” en “Poisson armée” staan bovendien net zo in de lijst van de tweelingsoort *Pterois volitans* (GBIF 2334438) — de soort die het Caribisch gebied heeft veroverd. En voor Kroatisch, Albanees, Noors, Zweeds en Japans geeft de *miles*-lijst helemaal geen naam; de Japanse ハナミノカサゴ hoort volgens GBIF bij *P. volitans*. Daarom draagt dit artikel in die talen de wetenschappelijke naam in de titel.
Van de Rode Zee naar de Middellandse Zee
De komst is gedocumenteerd door MedMIS, het informatiesysteem van de IUCN over invasieve soorten in de Middellandse Zee. Daar staat: “The first Mediterranean specimen of lionfish was collected from Haifa Bay, Israel in 1991.” Het eerste exemplaar in de Middellandse Zee kwam dus in 1991 uit de baai van Haifa. Twintig jaar later volgden volgens MedMIS het noorden van Libanon (2012), Cyprus (2013), de baai van İskenderun (2014) en het beschermde zeegebied Kaş-Kekova in Turkije, plus meldingen uit Tunesië, Sicilië en Griekenland. De meest waarschijnlijke route is het Suezkanaal — de vis is algemeen in de Rode Zee, en genetisch onderzoek (Bariche en collega’s, 2017) heeft dat volgens MedMIS bevestigd.
⚠️ Een tegenstrijdigheid in de bron zelf, openlijk benoemd: MedMIS schrijft dat de tweelingsoort *P. volitans* in de Middellandse Zee tot nu toe niet is aangetroffen — maar vermeldt in de eigen leeslijst een publicatie uit 2018 met de titel “New record of the red lionfish, *Pterois volitans*, in the Northeastern Mediterranean Sea”. Dit artikel lost dat niet op. Het stelt vast: de koraalduivel waar in de Middellandse Zee over wordt gesproken, is volgens MedMIS *P. miles*, en de twee soorten zijn volgens MedMIS uiterlijk nauwelijks te onderscheiden.
Wat de vakbronnen over hem zeggen
De kerngegevens, telkens met bron. FishBase: marien, rifgebonden, 0 tot 85 meter; Indische Oceaan van de Perzische Golf en de Rode Zee tot Zuid-Afrika en Sumatra, daarnaast de Atlantische Oceaan en het oostelijke Middellandse Zeegebied; tot 43 centimeter en 787,8 gram; roodachtig tot geelbruin of grijs met veel dunne donkere dwarsbanden; 13 rugvinstekels. Volwassen dieren leven volgens FishBase in kustwateren boven een modderige bodem. IUCN-status “Least Concern”, beoordeeld op 20 juni 2017 — in het oorspronkelijke verspreidingsgebied niet bedreigd. MedMIS geeft voor de Middellandse Zee andere cijfers: tot 35 centimeter, waargenomen op 0 tot 80 meter (“some sources refer to a greater depth”), bij golfbrekers, wrakken, rotsblokken, zeegrasvelden, koraalbodem, rots en zand. ⚠️ De bronnen spreken elkaar tegen over lengte, diepte en bodem — dit artikel strijkt dat niet glad.
MedMIS beschrijft zijn gedrag zo: een “active ambush predator”, een actieve hinderlaagjager die zijn prooi vaak met de uitgespreide borstvinnen in het nauw drijft. Jonge vissen eten vooral ongewervelden, grotere steeds meer vis. Hij geldt als nachtactief en trekt zich overdag terug in spleten en onder overhangende rotsen, maar wordt ook overdag gezien, alleen en in kleine groepen — en hij is plaatstrouw: heeft een volwassen vis eenmaal een geschikte plek gevonden, dan blijft hij daar. De zorg van de deskundigen: waar hij zich heeft gevestigd, kan hij volgens MedMIS de aanwas van inheemse jonge vis drukken en met tandbaarzen om voedsel concurreren.
De stekels: wat MedMIS zegt
FishBase noemt hem “Venomous” en schrijft: “Fin spines highly venomous, may cause human death.” — de vinstekels zijn zeer giftig en kunnen de dood veroorzaken. MedMIS telt 18 giftige stekels: 13 lange in de rugvin, één in elk van de twee buikvinnen en drie voor in de aarsvin. De grote borstvinnen en de staartvin hebben geen gifstekels. Volgens MedMIS zijn steken “very rarely fatal”, zeer zelden dodelijk, tenzij er een allergie is, maar wel zeer pijnlijk, met gevoelloosheid, zwelling en zelfs tijdelijke verlamming. MedMIS adviseert de wond 30 tot 90 minuten in heet water te houden en medische hulp te zoeken. ⚠️ Het verschil tussen de twee bronnen hoort erbij: FishBase waarschuwt voor mogelijke dood, MedMIS noemt sterfgevallen zeer zeldzaam. Dit artikel is geen medisch advies — na een steek telt de arts, niet de blog.
Belangrijk voor op het bord: volgens MedMIS is het vlees niet giftig — “the flesh of a lionfish is not venomous or poisonous” —, het gif zit alleen in de stekels. In het Caribisch gebied en de VS wordt hij gegeten.
Wat dat aan het water betekent
- De deskundigen willen dat hij gevangen wordt. Voor de Middellandse Zee beveelt MedMIS uitdrukkelijk aan nieuwe populaties vroeg weg te nemen — door personeel van beschermde gebieden en recreatieve duikers, “hand-held nets, speared or caught on hook and line”, dus ook met haak en lijn — en de bevissing door vissersgemeenschappen te stimuleren. Het is het zeldzame geval waarin de vangst zelf de zee helpt. Welke methode hem het best vangt, zegt geen van de gelezen bronnen; dit artikel belooft er geen.
- Zoek hem bij structuur. Wrakken, golfbrekers, rotsblokken, spleten: daar beschrijft MedMIS hem, en hij blijft zijn plek trouw. Wie hem ergens eenmaal heeft gezien, vindt hem daar waarschijnlijk terug.
- Eerst handschoenen, dan de schaar. MedMIS raadt dikke handschoenen aan en de gifstekels voorzichtig met een schaar af te knippen voordat je de vis verder behandelt. Nooit met blote handen pakken, nooit bij de rug vasthouden — daar zitten 13 van de 18 stekels.
- Ook een dode vis steekt. De stekels blijven gevaarlijk als de vis niet meer leeft — in de koelbox, aan dek, bij het schoonmaken.
- Geen inheemse dubbelganger. Volgens MedMIS bestaat er in de Middellandse Zee geen vergelijkbare inheemse soort — gestreept als een zebra, met waaiervinnen en tentakels boven de ogen. Dit artikel is toch geen determinatiesleutel.
- Meld je waarneming. MedMIS is een meldsysteem en noemt bewustwording als eerste stap tegen de verspreiding. Waar een koraalduivel buiten de bekende gebieden opduikt, is een melding bij de bevoegde instantie meer waard dan een foto in de groepschat.
- Controleer de regels zelf. Dit artikel noemt bewust geen voorschriften over vangen, speervissen of beschermde gebieden — die verschillen per land, en in beschermde zeegebieden gelden eigen regels. Doorslaggevend is de bevoegde instantie; dit is geen juridisch advies.
De Indische koraalduivel is de rover waarbij alles andersom is: de vangst is gewenst, het gevaar zit niet in de bek maar in de rug, en zijn naam eert geen ontdekker, maar een soldaat. StrikeAhead leest omstandigheden en diepte en leert van je vangsten; de app zegt je wanneer het de moeite waard is, en StrikeAhead Pathfinder zegt je met wie je onbekend water opgaat — gecureerd, persoonlijk getoetst, met geverifieerde vangsten in plaats van reclamefoto’s.